Als je kanker hebt, verandert er ineens ontzettend veel. Je gaat misschien vaak naar het ziekenhuis, krijgt behandelingen en bent soms moe. Ook op school kan er daardoor van alles veranderen. Misschien ben je een tijdje niet in de klas, lukt gymmen niet meer zoals vroeger of heb je minder energie.

Maar er is nog iets waar je misschien over nadenkt: hoe vertel je je klas dat je kanker hebt?

Dat kan best spannend zijn. Misschien ben je bang dat klasgenoten anders naar je gaan kijken. Of je weet niet wat je moet zeggen. Misschien wil je het juist graag vertellen, zodat iedereen begrijpt wat er met je gebeurt.

Het belangrijkste om te weten is: jij bepaalt zelf wat je vertelt, aan wie je het vertelt en hoeveel je wilt vertellen.

Moet ik mijn klas vertellen dat ik kanker heb?

Nee, je hoeft niet alles over jezelf te vertellen als je dat niet wilt. Het is jouw verhaal.

Toch kan het soms fijn zijn als je klas weet wat er aan de hand is. Je klasgenoten zien misschien dat je vaak afwezig bent, een muts draagt, moe bent of bepaalde dingen niet kunt doen. Als ze niet weten waarom, kunnen ze zelf gaan nadenken over wat er aan de hand is.

Door iets te vertellen, kunnen ze beter begrijpen waarom sommige dingen anders zijn.

School kan bovendien een belangrijke plek zijn waar je even gewoon jezelf kunt zijn. Kinderen met kanker willen vaak graag contact houden met hun klas en school, soms met wat aanpassingen.

Jij bepaalt wat je klas mag weten

Je hoeft niet precies uit te leggen welke behandeling je krijgt of wat de dokters allemaal doen.

Je kunt bijvoorbeeld vertellen:

Je kunt ook zeggen:

“Ik vind het fijn als jullie weten wat er met mij aan de hand is, maar ik wil niet de hele tijd over mijn ziekte praten.”

Dat is helemaal oké.

Je hoeft het niet alleen te vertellen

Vind je het spannend om voor je hele klas te staan? Dan hoef je dat niet alleen te doen.

Je kunt samen met je mentor, meester, juf of een andere docent vertellen dat je kanker hebt. Misschien wil een ouder erbij zijn. Of misschien wil je liever dat je docent het vertelt terwijl jij erbij zit.

Er is geen goede of foute manier.

Het kan helpen om vooraf met een vertrouwde volwassene af te spreken wat er precies wordt verteld en wie dat vertelt. Een vaste contactpersoon op school kan ook prettig zijn.

Wat als ik bang ben voor de reacties?

Het is normaal dat je daarover nadenkt.

Misschien reageren je klasgenoten verdrietig. Misschien worden ze stil. Misschien stellen ze heel veel vragen. En misschien weet iemand helemaal niet wat hij of zij moet zeggen.

Dat betekent niet dat ze jou raar vinden.

Sommige kinderen weten gewoon niet hoe ze moeten reageren als iemand vertelt dat hij of zij kanker heeft.

Je kunt vooraf met je docent bespreken hoe jullie daarmee omgaan.

Welke vragen kan mijn klas stellen?

Je klasgenoten kunnen bijvoorbeeld vragen:

“Word je beter?”
“Waarom ben je soms niet op school?”
“Ben je ziek van de behandeling?”
“Waarom heb je geen haar?”
“Kun je nog gewoon met ons spelen?”

Je hoeft niet op iedere vraag antwoord te geven.

Je mag bijvoorbeeld zeggen:

“Dat weet ik niet.”

Of:

“Daar wil ik liever niet over praten.”

Of:

“Dat is een vraag voor mijn dokter.”

Dat is voldoende.

Je hoeft niet alle medische details te vertellen

Kanker is een ingewikkelde ziekte en er bestaan veel verschillende soorten kanker en behandelingen.

Je hoeft je klas daarom geen medische les te geven.

Je kunt het eenvoudig houden. Bijvoorbeeld:

“Ik heb kanker. Daarvoor krijg ik behandelingen in het ziekenhuis. Daardoor ben ik soms moe en kan ik niet altijd naar school komen.”

Meer hoeft misschien niet.

Als je klas meer wil weten, kun je later altijd nog iets vertellen.

Misschien wil je zelf een spreekbeurt geven

Sommige kinderen vinden het prettig om zelf te vertellen wat kanker is. Je zou bijvoorbeeld een spreekbeurt kunnen geven over kanker.

Dat kan een manier zijn om je klas uit te leggen wat er gebeurt en tegelijkertijd veel vragen te beantwoorden.

Maar je hoeft absoluut geen spreekbeurt over jezelf te geven.

Misschien wil je helemaal niet dat kanker het onderwerp van een spreekbeurt wordt. Ook dat is prima.

Er bestaan verschillende hulpmiddelen voor scholen om met kinderen over kanker te praten, bijvoorbeeld lesmateriaal van KiKa en de Vereniging Kinderkanker Nederland.

Wat als ik niet wil dat iedereen het weet?

Ook dat kan.

Misschien wil je alleen je beste vrienden vertellen wat er aan de hand is. Of alleen je mentor en een paar klasgenoten.

Praat hierover met een volwassene die je vertrouwt. Samen kunnen jullie afspraken maken over wat anderen wel en niet mogen weten.

Je mag ook aangeven dat klasgenoten jouw verhaal niet zomaar aan andere mensen mogen doorvertellen.

Wat als iemand anders over mijn kanker begint?

Soms kan het gebeuren dat iemand in de klas opeens vraagt:

“Hoe gaat het met je kanker?”

Dat kan vervelend zijn, vooral als je net met iets anders bezig was.

Je mag dan gewoon zeggen:

“Ik wil het daar nu even niet over hebben.”

Of:

“Laten we het over iets anders hebben.”

Je bent namelijk niet alleen maar iemand met kanker.

Je bent nog steeds gewoon jij.

Je kunt lachen, gamen, sporten, tekenen, muziek luisteren, huiswerk maken, verliefd worden, ruzie maken met je vrienden en lol hebben. Kanker is een onderdeel van je leven, maar het bepaalt niet wie jij bent.

Wat als iemand een vervelende opmerking maakt?

Helaas kan het gebeuren dat iemand iets zegt wat pijn doet. Misschien maakt iemand een grapje over kanker of gebruikt iemand het woord als scheldwoord.

Dat kan extra hard aankomen als je zelf kanker hebt.

Je hoeft zo’n opmerking niet alleen op te lossen. Vertel het aan je docent, mentor, ouders of een andere volwassene die je vertrouwt.

Kanker als scheldwoord gebruiken kan voor mensen die zelf kanker hebben of ermee te maken hebben bijzonder kwetsend zijn.

Je klas kan je ook juist helpen

Je klasgenoten weten misschien niet precies wat ze voor je kunnen doen.

Soms zijn kleine dingen al heel fijn.

Een vriend kan bijvoorbeeld:

En soms is het allerbeste juist om niet over kanker te praten.

Gewoon samen lachen kan enorm fijn zijn.

Wat als ik een tijdje niet naar school kan?

Een behandeling kan ervoor zorgen dat je tijdelijk minder of helemaal niet naar school kunt.

Toch kun je soms contact houden met je klas. Bijvoorbeeld via berichten, videobellen, foto’s, filmpjes of andere manieren om betrokken te blijven. Wat mogelijk en prettig is, hangt natuurlijk af van hoe jij je voelt.

Scholen kunnen samen met jou, je ouders en je behandelend team kijken hoe je contact met school kunt houden en welke aanpassingen nodig zijn.

Maar vergeet niet: je hoeft niet altijd bereikbaar te zijn.

Als je moe bent, mag je rusten.

Een voorbeeld van wat je kunt zeggen

Vind je het moeilijk om zelf te bedenken wat je moet vertellen? Dan kun je het simpel houden.

Bijvoorbeeld:

“Ik wil jullie iets vertellen. Ik heb kanker. Daarom moet ik vaak naar het ziekenhuis en krijg ik behandelingen. Soms ben ik daardoor moe of kan ik niet naar school komen. Ik vind het fijn als jullie gewoon tegen me blijven doen zoals altijd. Jullie mogen vragen stellen, maar soms wil ik er ook even niet over praten.”

Je kunt deze tekst natuurlijk helemaal aanpassen zodat hij bij jou past.

Je hoeft het niet perfect te doen

Misschien struikel je over je woorden.

Misschien moet je huilen.

Misschien word je boos.

Misschien wil je halverwege stoppen.

Dat is allemaal oké.

Er bestaat geen perfecte manier om aan je klas te vertellen dat je kanker hebt.

Het belangrijkste is dat jij je zo veilig en prettig mogelijk voelt.

Conclusie: jij bepaalt hoe je jouw verhaal vertelt

Vertellen dat je kanker hebt aan je klas kan spannend zijn. Je weet misschien niet hoe je klasgenoten reageren of welke vragen ze zullen stellen.

Maar onthoud: jij hebt de controle over jouw verhaal.

Je bepaalt wat je vertelt, hoeveel je vertelt en wanneer je vertelt. Je kunt het zelf doen, samen met je ouders of met hulp van je meester, juf of mentor.

En misschien wel het belangrijkste:

Je bent niet alleen een kind met kanker. Je bent gewoon jij.

Je blijft je eigen dromen, humor, vrienden, hobby’s en interesses houden. Kanker verandert misschien een deel van je leven, maar het hoeft niet te bepalen wie jij bent. ❤️